Berichten

Op de avond van 9 oktober is de Vrijburgzaal van de Rode Hoed tot de nok toe gevuld met een kleurrijk publiek. Platform INS heeft op deze avond een panel bijeengebracht die zich uitsprak over de zogenaamde “parallelle samenleving”. Dit is een term afkomstig uit de brief van minister Asscher aan de Tweede Kamer als reactie op het onderzoek “Dichter bij elkaar?” (2012) van het Sociaal Cultureel Planbureau. Daaruit blijkt dat bepaalde migrantengroepen sterk op zichzelf gericht zijn en weinig ontmoetingen hebben buiten de eigen groep. De minister is bang dat dit fenomeen succesvolle integratie in de weg staat. De avond zal draaide om de vraag of deze angst terecht is en hoe dit eventueel opgelost zou kunnen worden.

Het panel bestond uit Dr. Umit Tas (voorzitter Platform INS), Arend Jan Boekestijn (oud-VVD-Kamerlid en historicus aan de UU), Saniye Calkin (vrouwenplatform ZIJN), Abdelkarim El-Fassi (hoofdredacteur van wijblijvenhier.nl), Martijn de Koning (antropoloog aan o.a. de UvA), Jaco Dagevos (SCP, co-auteur van “Dichter bij elkaar?”). Hieronder is een kleine impressie van het gevoerde debat en de ingenomen standpunten te lezen:

Allereerst gaf de voorzitter de onderzoekers het woord. Dagevos stelde dat er een dalende lijn te ontdekken is in de mate waarin Nederland als gastvrij land gewaardeerd wordt onder migranten. Vooral de Turkse Nederlanders voelen zich veelal niet thuis in Nederland. Asscher noemt in zijn brief de Turkse migrantengroep als voorbeeld van een goed georganiseerde, maar sterk naar binnen gerichte club. Dit heeft zowel voor- als nadelen, bepleitte Dagevos. Zo creëert sociale cohesie werkgelegenheid en worden zorgvragen binnen de groep snel opgevangen. Echter, er ontstaat veelal ook een taalachterstand. Boekenstijn schetste vervolgens het “lot van de immigrant”, aan de hand van een persoonlijke ervaring met hedendaagse, Nederlands-gereformeerde groepen in de VS. Heimwee, eenzaamheid en een taalachterstand zijn volgens hem inherent aan het migrantenbestaan. Inmenging van de politiek in deze zaken is dan ook ongewenst. Calkin stelde ook dat een sterke eigen kring geen probleem. Sterker nog, het vormt veelal een voorwaarde voor bijvoorbeeld het ontstaan van ondernemerschap. Na het verstrijken van het beginstadium dient  men echter zo snel mogelijk op zoek te gaan naar diversiteit. El-Fassi ging een stap verder. Volgens hem plaatst deze discussie de minderheidsgroepen in hokjes. Gerichtheid op de eigen groep is veel sterker aanwezig in autochtonen groepen, denk maar aan studentenverenigingen. Dagevos reageerde hierop door te bepleiten dat bonding geen probleem is, maar dan wel mét bridging. Volgens De Koning is de term parallelle samenleving slechts een verbloeming van wat er echt gaande is. Het integratiedebat betreft niet het welzijn van mensen, maar is slechts een spel om de autochtone gemeenschap en haar cultuur als norm te behouden. Wat hem betreft schrappen we termen als integratie en parallelle samenlevingen uit het publieke discours.

De voorzitter vroeg zich af of er een oplossing bestaat voor de integratieproblematiek. Misschien het door hogere hand opleggen van etnische menging op basisscholen? De meeste panelleden waren het hier mee oneens. Zij zien dit als een overdaad van politieke inmenging en nutteloos: de keuze voor een school is veelal locatie gebonden. Dagevos gelooft meer in het opkrikken van de kwaliteit van zwarte scholen. Ook de idee om gedwongen positieve media-aandacht voor migrantengroepen in te voeren, werd slecht ontvangen door het panel. Tas zou hooguit pleiten voor een interne code in de media, zodat zij zichzelf prikkelen positief integratienieuws uit te brengen. Helaas bleef op deze avond een evidente oplossing uit.

De vraag of religie invloed heeft op het ontstaan van integratieproblematiek, zorgde voor enige spanning binnen het panel. Volgens El-Fassi legt Boekenstijn te vaak een correlatie tussen moslims en maatschappelijke problemen. Vanuit het publiek werd dit ondersteund: er is een groot verschil tussen geloof en religie. Boekenstijn reageerde hier op door te stellen dat heilige geschriften nu eenmaal invloed hebben op handelen. Hij begrijpt niet waarom daar zo gevoelig op gereageerd wordt. De Koning kreeg het woord. Hij doet momenteel onderzoek naar de Schilderswijk in Den Haag, die ervan beschuldigd is een zogenaamde “shariawijk” te zijn. Hij concludeert dat er zeker geen sprake van een causaal verband tussen integratieproblematiek en de Islam.

Tot slot concludeerde de gastheer Umit Tas dat het een geslaagde avond was waarin het panel en het publiek in een kleurrijke samenstelling van gedachte hebben kunnen wisselen. Toen de voorzitter vroeg wie er instemde met het verzoek van de Koning om de term “parallelle samenleving” af te schaffen, schoot een groot gedeelte van het publiek de handen de lucht in. Bij afloop bleven veel mensen in de zaal hangen om de discussie voort te zetten. Ondanks dat men verschilde in standpunten, was er op deze mooie avond tenminste geenszins sprake van parallel samenzijn.


[nggallery id=87]